Beer vindt zichzelf een goede dierenspotter. Hij geeft tips hoe je dit moet aanpakken. Maar bij elke tip komt hij tot de conclusie dat hij vandaag geen geluk heeft. ‘Er is niets te zien.’
Op elke prent zijn dieren te zien, maar Beer ziet ze niet, omdat hij zijn eigen raad niet opvolgt. De lezer ziet al deze dieren wél en dat maakt het verhaal erg grappig.