Er was eens een jongen die graag naar zee wilde. Een onzinnig plan, volgens zijn vader. Dus zette het kind zijn dromen opzij, groeide op en werd schoenmaker. Op een dag vindt de schoenmaker in een laars een piepklein meisje. Hij noemt haar Evangeline. Samen dromen ze van de zee.
De vrouw van de schoenmaker vindt alles maar vreemd. Als iemand haar wil verkopen, gaat ze stiekem op het aanbod in. Haar man is ontroostbaar. Waar is Evangeline? Vinden ze elkaar?