Leiden, vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Piet de Vries moet (met zijn broertje) naar het Joodse weeshuis. Ze krijgen andere namen en moet erg wennen aan de onbekende Joodse gewoontes. Gelukkig vindt Piet vrienden en wordt hij verliefd op de uit Duitsland gevluchte Fanny.
Dan breekt de oorlog uit. Piet moet een Jodenster dragen, een speciale Joodse school bezoeken - en de angst voor deportatie groeit. Een inval in het weeshuis, het zware leven in Westerbork: hij blijft hopen. Maar is dat genoeg?