Joes is de allerliefste poes, wanneer hij kopjes geeft, zachtjes spint en zijn kleine pootjes schoon likt. Tot de verleiding hem te groot wordt. Want als hij de gordijnen/een muis/de vis ziet… ‘Ai, ai, Joes, doe toch niet.’
Zijn pootjes worden klauwen, zijn gespin wordt miauwen. Er zit een tijger in de poes! Gelukkig vindt zijn baasje hem nog steeds de allerliefste. ‘Ik hou van hem. Hij houdt van mij. Die tijger in hem hoort erbij!’